-Dit mag nóóit meer gebeuren!

Dit mag nóóit meer gebeuren!
Het verhaal over Henny Leefsma, met dank aan haar zoon Ruben.

Enige tijd geleden was de expositie “Dr. Hans Calmeyer in den Niederlanden” in Nederland te zien. Naar aanleiding van dit verslag, ontving ik onlangs een respons van Ruben. Zijn moeder is een Holocaust-overlevende en hij vindt het daarom belangrijk dat haar verhaal verder verteld wordt, opdat de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog nooit meer plaats zullen vinden. Haar naam: Henny Leefsma.

Henny Leefsma was in de Tweede Wereldoorlog het vriendinnetje van Anne Frank. In haar dagboek werd zij Hetty (Lefèvre) genoemd. Henny Leefsma was –zoals dat in die tijd genoemd werd- een Calmeyer-Jodin. Calmeyer-Joden waren Joden, die de kans kregen om de oorlog te overleven, omdat zij door dr. Hans Calmeyer tot niet-Joden verklaard werden.

Aan dr. Calmeyer bewaart Henny Leefsma nog warme herinneringen, omdat hij ook in haar leven en voor haar persoonlijk erg belangrijk is geweest. Over herr dr. Calmeyer spreekt zij vaak zeer liefdevol en respectvol tijdens haar periode dat ze ‘ondergedoken’ zat in het Haagse, waar zij bij diverse onderofficieren en hogere officieren het ontbijt rondbracht. Toch kwam ook zij helaas in het vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau terecht. Henny Leefsma overleefde wel de oorlog in tegenstelling tot haar vriendin Anne, over wie ze pas na de oorlog vernam dat zij omgebracht was.

Tot voor kort ging Henny Leefsma op bezoek bij scholen om haar ervaringen te vertellen aan de nieuwe generatie. Ook ging ze op uitnodiging mee naar Auschwitz met scholieren en vond ze het ook prettig om op middelbare scholen zelfs nog een keer extra terug te komen, nadat de scholieren naar het concentratiekamp waren geweest, om meer gerichte vragen te beantwoorden. Haar motto was: “zolang ze me vragen, zal en wil ik er over praten, want dit mag nooit meer gebeuren!”

Hier volgt een impressie van één van haar bezoeken aan een basisschool:

Dit mag nooit meer gebeuren!” Met deze woorden sloot mevrouw Henny Leefsma af, nadat ze van de kinderen van groep 8 van de basisschool spontaan een applaus had gekregen.
Ruim vijf kwartier had ze een groep van 35 kinderen geboeid . Mevrouw Leefsma gaat in haar verhaal uit van wat de kinderen over de Tweede Wereldoorlog in het algemeen en het concentratiekamp in het bijzonder weten. De kinderen mochten haar van alles vragen, waarop zij haar antwoord aan hun niveau aanpaste. Er werden hele goede vragen gesteld, zoals :

-Hoe oud bent U nu, en op welke leeftijd kwam U in het kamp?

Ik ben nu 80(inmiddels84) jaar. Ik was 13 jaar toen de oorlog begon. Toen ik via Westerbork naar Auschwitz ging was ik 15 jaar. Ik heb ruim een jaar in het kamp doorgebracht.

-Hoe bent u naar Auschwitz-Birkenau gebracht ?

We zijn met veewagons gebracht. Dat soort wagons zijn er nu nog steeds.

-Kon U niet ontsnappen?

Nee, niemand kon ontsnappen , want er was een groot prikkeldraad om het kamp heen en dat stond onder stroom. Wanneer je dat aanraakte was je meteen dood.

-Had U ook steun in het kamp van familie ?

Nee, ik was alleen. Mijn vader en broertje waren al eerder afgevoerd, en die waren al vergast. Ik heb ondergedoken gezeten, maar tijdens een razzia ben ik toch gepakt. Mijn ouders waren al voor de oorlog gescheiden en ik mocht geen contact hebben met mijn moeder. Naderhand heb ik wel gehoord dat mijn moeder de oorlog heeft overleeft, maar ik heb haar nooit echt gekend.

-Konden anderen wél met hun vader en moeder samen zijn?

Nee, dat kon niet. Want mannen en jongens waren apart van vrouwen en meisjes.

-Kreeg U in het kamp ook straf als U iets niet goed deed ?

Je kreeg ook straf wanneer je wel iets goed deed. Je kreeg eigenlijk om alles straf.

-Heeft U in het kamp ook schoenen gedragen?

Nee. We hadden allemaal goede kleren en schoenen aan, want we wisten dat we lang weg moesten. Maar toen we aankwamen in het concentratiekamp, moesten we alles afgeven. We kregen een grijs gestreepte jurk en droegen lappen stof om onze voeten. We werden ook kaal geschoren, want de Duitsers waren bang dat we luizen kregen. Daar hadden ze een hekel aan.

-Wat gebeurde er als je ziek was ?

Dat wilde ik niet worden. Ik kreeg geen zeep en er was ook weinig water. Dus rolde ik me in de sneeuw om de luizen te doden en zo werd ik niet ziek.

-Heeft U mensen zien sterven?

Ja, dat heb ik gezien. Er zijn geen mensen vermoord in de concentratiekampen, want dat moeten de daders dan zelf doen. De mensen zijn vergast.

-Waren er ook aardige bewakers ?

Ja, die waren er ook. Soms zag je in hun ogen, dat ze eigenlijk de bevelen niet wilden uitvoeren. Er waren wel heel gemene vrouwelijke bewakers. Die konden je met hun stok gemeen hard slaan.

-Hoe sliep U daar?

Er waren houten planken waar we met zijn twaalven op sliepen. We hadden het heel koud want de dekens waren erg dun.

-Moest u ook veel huilen?

Dat deed ik alleen ’s nachts, want het was gevaarlijk om dat te laten zien ! Maar er werd soms onder elkaar ook gelachen. Dan verzonnen we ergens zelf een mop over. Dat zorgt er ook voor dat je spanningen kwijt raakt.

-Had U ook te eten ?

We kregen veevoer en je was blij als je een stukje wortel erin ontdekte.

Ruben( haar zoon) leest een gedicht van Henny voor :

“Nu even opgelet ! in rotten van zes
kregen we de beste Duitse les !
om vier uur ’s nachts, staande
op appèl in de vrieskou
voor ’t ontbijt , wat blauw
beschimmeld kummelbrood:
mijn zestienjarig verjaaardagsangebot !
eerlijke waar kreeg ik daar
Bitte eine halbe Schnitte:boter
en jam bedacht ik mij zelf maar !

12 december 1944 staande op appèl
D’raus ! Om vier uur ’s ochtends
in de vrieskou. Jawel !
Zo blauw als ’t beschimmelde
Duitse verjaardagsbrot-
Das gab’s zu fressen
Nein dieser Geburtstag
werd’ich niemals vergessen !“

-Hebt U Anne Frank ook gekend ?

Anne was mijn beste vriendin. Ik woonde vlakbij haar. Omdat ik was ondergedoken, wist ik niet dat Anne was opgepakt. Ik heb in Auschwitz-Birkenau nog met haar gehinkeld, met steentjes. Op een gegeven moment was ze weg. Pas na de oorlog hoorde ik dat ze was gestorven.

-Wie heeft U bevrijd ?

De Amerikanen en de Russen. De Russen waren heel rauw voor ons.

-Hoe bent U weer in Nederland gekomen ?

Auschwitz -Birkenau ligt in Polen en het grootste deel heb ik terug gelopen. Soms mocht ik eee stukje meeliften met de soldaten. Ik ben terug gegaan , samen met een groepje mensen.

-Was er iemand blij toen U terug kwam ?

Niet echt. Ik was nl. kaal geschoren. En na de oorlog zijn ook vrouwen kaalgeschoren die bevriend waren met de duitsers. Daar waren de mensen heel boos op.
Daardoor ontstond verwarring. Maar ik kon aan mijn getatoeëerde kampnummer laten zien dat ik een joodse was.

-Haat U de Duitsers ?

Nee, ik haat ze niet, zeker nu niet meer. Want het heeft geen zin. Ik ben ook in de oorlog geholpen door een hele lieve, goede Duitser, dr Calmeyer, bij wie ik ondergedoken heb gezeten.Hij probeerde veel joodse mensen te redden. Ik ben ook verschillende keren naar Duitsland geweest naderhand , omdat ik de bevolking en hun cultuur en gewoontes wilde leren kennen. Ik heb ook Duitse vrienden.
Weten jullie trouwens hoe de oorlog is ontstaan ? Doordat mensen jaloers waren op wat anderen bezaten !

-Heeft U er een trauma aan over gehouden ?

Nee, want anders kon ik er niet zo goed met jullie over praten. Het enige waar ik nog grote moeite mee heb, is reizen met de trein. Dat komt door die veewagen, waarin ik naar het kamp ben gebracht.

-Bent U nog wel eens terug gegaan ?

Ja, en daar heb ik het volgende gedicht over geschreven : (Ruben draagt voor)

“De absurditeit van het moment
schuilen in de gaskamer
vanwege een wolkbreuk
toiletdames en broodjes ham
dat is mijn Auschwitz niet
zoals ’t was, is niet te filmen
Auschwitz tot een Witz (grap) verworden….
nu mag ik : de poorten zwaaien open
ja, zelfs de suppoost salueerde
met mijn auto naar binnen- en d’r uit.”

………………….

Helaas heeft  ziekte het Henny Leefsma onmogelijk gemaakt dit werk op scholen nog langer voort te zetten. Haar zoon Ruben deelt echter de mening van zijn moeder dat dit nooit meer mag gebeuren! Daarom zet hij de lezingen voort, wanneer daar belangstelling voor mocht zijn.
U kunt Ruben bereiken via zijn website: http://www.rubenkomkommer.nl
Of via de E-mail: ruben-snuf@planet.nl

Er zijn wel impressies van haar lezingen, die laten zien waarom het zo belangrijk is dat de Tweede Wereldoorlog nooit vergeten mag worden. Daartoe dienen de volgende linken:

http://www.mediafire.com/?dnzymiijmzm
Henny Leefsma in gesprek met Huub oosterhuis:
http://www.mediafire.com/?7enfua0m7lrrah5
http://www.mediafire.com/?mljjmnm5nwx
http://www.mediafire.com/?oxd1wiwyryj
of de complete map:
http://www.mediafire.com/?ylbf7jwhlhy99
kijk ook hier voor meer:
http://www.123video.nl/playvideos.asp?MovieID=521773
http://vimeo.com/17363907