-De Poolse pater Kolbe

Het verhaal van de Poolse pater Kolbe – OFM ( Zduńska Wola, 8 januari 1894 – Auschwitz, 14 augustus 1941)

Dit is het opmerkelijke verhaal van pater Kolbe, in de oorlog gearresteerd wegens journalistieke verzetsactiviteiten en gevangen gezet in het vernietigingskamp Auschwitz I. Voor zijn medegevangenen werd hij de bron van inspiratie.

Maximiliaan Maria Kolbe luidde zijn naam, hoewel hij oorspronkelijk Rajmund Kolbe heette. Kolbe was een katholiek priester in de orde van de Franciscanen. Tussen 1930 en 1936 werkte hij in Azië, om precies te zijn in Nagasaki, Japan en in China en India. In 1936 keerde hij terug naar Polen en nam hij zijn intrek in één van de grootste kloosters van de wereld: Niepakalów. In 1939 trokken de Duitsers Polen binnen en het klooster ving toen circa 3.000 vluchtelingen op, waarvan 2/3 Joden waren. Met behulp van hun eigen drukpers en radio verspreidden Kolbe en zijn medebroeders antinaziberichten. Toen het klooster bezet werd in september 1939 werden meer dan dertig Franciscanen gearresteerd wegens deze verzetsactiviteiten, zo ook Kolbe. Drie maanden later werd hij vrijgelaten. Ondanks zijn arrestatie ging Kolbe onverminderd door met zijn verzetsactiviteiten en ving hij vele duizenden burgers, onder wie vele Joden, op.

Op 17 februari 1941 werd Kolbe opnieuw gearresteerd door de Gestapo en kwam hij in het concentratiekamp Auschwitz terecht. Met moeite probeerde hij telkens weer wat licht te brengen in de asgrauwe atmosfeer van zijn barak. Nadat een gevangene uit de barak, waarin ook Kolbe zat, een ontsnappingspoging had gedaan, werden tien mannen veroordeeld tot de hongerdood in een bunker. Pater Kolbe had hen in het korte tijdsbestek van hun verblijf in het kamp, leren kennen als geen ander. De gevangene hadden hem alles verteld over hun thuis en zo wist Kolbe dat één van de mannen vader was van vier kinderen. Kolbe hoefde niet lang na te denken, in een opwelling bood hij zich als plaatsvervanger aan. De soldaten keken hem hooghartig aan, maar de leidinggevende gaf een kort bevestigend knikje. Kolbe mocht de plaats van de veroordeelde innemen en de vader mocht terug naar zijn plek in de barak. Pater Kolbe en de negen andere gevangenen werden vervolgens resoluut in de hongerbunker gegooid.

In de bunker was het vreselijk donker en de pater doodde de tijd voor de gevangenen met het vertellen van verhalen en met samenzang, want zingen werd niet verboden door de soldaten. Kolbe en zijn medegevangenen bleven zingen, ondanks dat telkens een verzwakte stem wegviel. Tenslotte klonk er alleen nog de stem van pater Kolbe. De soldaten huiverden bij het horen van die enkele stem, die vol overtuiging bleef zingen en na enige dagen openden ze de bunker. In de duisternis klonk de stem van de pater, die met nog drie gevangenen inmiddels omringd waren door zes lijken, maar rondom zijn hoofd straalde een lichtkrans. De soldaten waren onder de indruk, doch de leiding allerminst. Op 14 augustus 1941 kregen de vier overlevenden alsnog een dodelijke injectie toegediend.

Paus Paulus VI verklaarde op 17 oktober 1971 Maximiliaan Maria Kolbe zalig en op10 oktober 1982 verklaarde Paus Johannes Paulus II hem tot martelaar en werd hij heilig verklaard.

Bron: impressie uit “De heiligen zijn onder ons” Walter Nigg –1978

Advertenties