-De Rijksdag staat in brand -Benjamin Hett

Rijksdagbrand- HettDe Rijksdag staat in brand
Het laatste geheim van het Derde Rijk ontrafeld

Auteur: Benjamin Hett
Boekvorm:
paperback met zwart-wit illustraties
Pagina’s: 416
Uitgever: BBNC
Uitgebracht: januari 2014
ISBN: 978.90.4531.486.0

 

Bespreking:De geschiedenis herbergt nog vele geheimen en het tijdperk van het Derde Rijk vormt hierop beslist geen uitzondering. Jurist en historicus Benjamin Carter Hett onderzocht één van die geheimen: de Rijksdagbrand in Berlijn, die woedde op 27 februari 1933. De brand zou zijn aangestoken door de Nederlander Marinus van der Lubbe en hij werd dan ook veroordeeld tot de guillotine. Maar de executie van de dader kon de geruchtenmachine in de vooroorlogse jaren niet stoppen. Er werd druk gespeculeerd dat de SA en misschien wel Hitler zelf achter de brand zat. Door deze discussie rees ook de vraag of van der Lubbe wel de enige dader was geweest. Voor Benjamin Hett, gespecialiseerd in de wet en politiek van Duitsland in het begin van de 20ste eeuw, was het niet vanzelfsprekend dat van der Lubbe alleen gehandeld had en hield hij zich jarenlang bezig met onderzoek naar deze brand. Zijn conclusies publiceerde hij onder de titel “Burning the Reichstag. An investigation into the Third Reichs Enduring Mystery.” Dat boek is thans in het Nederlands verschenen bij uitgeverij BBNC onder de titel “De Rijksdag staat in brand. Het laatste geheim van het Derde Rijk ontrafeld.”

De Nederlandse ondertitel doet bij de ingewijde lezer wel even de wenkbrauwen fronsen, want de Rijksdagbrand is zeker niet het laatste geheim dat ontrafeld is. Wie zich verdiept in de Tweede Wereldoorlog, zal al snel tot de ontdekking komen dat er nog vele geheimen te ontrafelen zijn. Rondom veldmaarschalk Rommel bijvoorbeeld, in hoeverre was hij een echte Nazi of was hij toch meer betrokken bij het verzet dan algemeen verondersteld wordt? Maar ook over de dood van Hitler en over de vlucht van Hess naar Engeland bestaan nog mysteries. Evenmin is ontrafeld hoe ver de Nazi’s nu werkelijk waren met hun ontwikkeling van de atoombom. Om nog maar te zwijgen over de geroofde schatten uit de legendarische ‘barnsteenkamer’ in het zomerpaleis van Catharina de Grote ten zuiden van Sint-Petersburg. Ook dat mysterie is nog altijd niet opgelost. Maar dit is een zijdelingse constatering, want het boek gaat immers over de Rijksdagbrand in 1933.

De belangrijkste stelling, die Hett verdedigt in zijn boek, is dat de Rijksdagbrand meer was dan alleen maar een terroristische actie, er stak een diepere, politieke betekenis en daarom is het moeilijk voor te stellen dat Marinus van der Lubbe alleen verantwoordelijk zou zijn voor die brand. Vrijwel onmiddellijk na de brand liet Hermann Göring een communiqué uitgaan, waarin de Communisten aangemerkt werden als de daders. Het werd het startsein tot de vervolging van de Communisten en daarmee werd de eerste stap gezet voor het vestigen van het Derde Rijk door de Nazi’s, zo stelt Hett. Het Berlijn in de 30- jaren was echter grotendeels links georiënteerd en daarom waren veel burgers ervan overtuigd dat de SA zelf achter de brand zat. Die mening hield vele jaren stand totdat de amateur- historicus Tobias in 1960 verklaarde dat de schuld toch echt lag bij Marinus van der Lubbe en niemand anders. Zo bleef de Rijksdagbrand een onderwerp van discussie en menig historicus waagde zich aan de oplossing van het mysterie om zich vervolgens achter de mening van Tobias te scharen. Ook de moderne historicus Hans Mommsen ondersteunde de conclusie van Tobias. Benjamin Hett echter komt tot een andere constatering, afgaande op de getuigenissen, het onderzoek van de brandweer en de verklaringen tijdens het proces. De auteur stelt dat gezien de bewijzen bijna met stelligheid kan worden gezegd dat er meer daders bij de brand betrokken waren. De tijd zou te kort geweest zijn en ook het materiaal dat van der Lubbe bij zich droeg, die avond, zouden niet toereikend geweest zijn om de brand in een snel tijdsbestek tot een ware vuurzee te laten ontwikkelen. Diverse wetenschappelijke onderzoeken, die na de oorlog zijn gehouden, wijzen ook in deze richting, aldus Hett in zijn boek. Volgens de auteur roept ook de persoon van der Lubbe vragen op. De Nederlander had slechte ogen en was een vreemde in Berlijn, die ook nog eens de Duitse taal nauwelijks beheerste. Geen man dus in wie je meteen een brandstichter zou herkennen. Maar ook Hett is niet bij machte de werkelijke daders noemen, want een sluitende en onweerlegbaar bewijs heeft hij evenmin voor handen en dus blijft de Rijksdagbrand wat hij was: een smeulend mysterie.

Is het boek “De Rijksdag staat in brand” dan een verspilde moeite geweest? Dat beslist niet. Als overzichtsboek is “De Rijksdag staat in brand”een schitterend boek. Het is degelijk en ordelijk opgesteld, daarin verraadt zich de juridische achtergrond van de auteur. Als in een requisitoir geeft Hett eerst een weergave van de feitelijke gebeurtenissen, zoals die bekend zijn. Vervolgens kijkt de auteur naar de politieke situatie in die tijd en hoe de Nazi-propaganda werkte, die van groot belang is geweest in deze zaak. Bovendien zet Benjamin Hett alle verklaringen en de daaruit ontstane theorieën op een rij en laat hij zien welke belangen er mee speelden bij Tobias om Marinus van der Lubbe zo veel jaren na de oorlog definitief aan te wijzen als de enige dader in opdracht van de Communisten. Een vaststelling, die zo bepalend was dat latere historici daaraan niet meer durfden te tornen. Met “De Rijksdag staat in brand” geeft Benjamin Hett aan dat de tijd rijp is geworden om de Rijksdagbrand te herzien in de juiste context van zijn tijd.

 

Beoordeling: X X X X Zeer goed