– Esmée. Een vrouw in oorlogstijd – Jan Meyers.

Esmée.
Een vrouw in oorlogstijd

Auteur: Jan Meyers
Boekvorm: paperback
Pagina’s: 186
Uitgever: Aspekt
Uitgebracht: juni 2011
ISBN: 978.90.5911.846.1

Bespreking:
Tijdens de Tweede Wereldoorlog onderwierp niet iedereen zich aan de Duitse bezetter. Een aantal mensen koos, al dan niet in groepsverband, voor het verzet. Zo ook Esmée van Eeghen. Zij was lid van het Friese verzet. Toch gingen er ook verhalen dat Esmée verraad zou hebben gepleegd, want Esmée had immers contacten met zowel het verzet als met de SD. Daarmee zou Esmée naast Leonie Brandt de tweede Mata Hari zijn geweest, die Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog rijk was. Zij was een zo bijzondere verschijning dat zowel vriend als vijand wel een mening over haar had. Haar verzetsleven was zo opmerkelijk dat het voor een deel Paul Verhoeven inspireerde voor zijn hoofdpersoon Rachel Stein in de film “Zwartboek”.Wie was deze buitengemeen interessante vrouw over wie zo veel verhalen rond gingen? Jan Meyers, die eerder een biografie over Mussert schreef, heeft zich verdiept in deze uitzonderlijke vrouw met als resultaat het verschijnen van het boek “Esmée. Een vrouw in oorlogstijd” bij uitgeverij Aspekt.

Op boeiende wijze leidt Jan Meyers de lezer vooral door de laatste jaren van het leven van Esmée Adrienne van Eeghen, zoals ze voluit heette en daarbij belicht hij ook de Friese knokploeg, waarin Esmée actief was tijdens de oorlog. Esmée was afkomstig uit goede familie van kooplieden en bankiers. Zelfs aristocratie, want haar moeder was jonkvrouw Minette Adrienne van Lennep. Haar vader Reginald van Eeghen was directeur van de Amstel bierbrouwerij. Zelf was ze een vat vol tegenstrijdigheden. Ze had humor en wist mensen makkelijk voor zich te winnen. Maar Esmée kon ook vrijpostig zijn, vreselijk grof en drinken als geen ander. Eén ding was zeker, Esmée was een opvallende verschijning, die diepe indruk kon achter laten op mensen. Meyers komt daar in zijn boek meerdere keren op terug. Vooral mannen vielen vrij snel voor haar charmes. Toen ze vanuit Amsterdam naar Leeuwarden verhuisde, kwam ze in aanraking met de Friese knokploeg. Daar ging ze uitdagingen zeker niet uit de weg, wat blijkt uit de vele werkzaamheden, die zij verrichtte voor het Friese verzet. Haar koelbloedigheid bij allerlei gevaarlijke operaties als wapentransporten en overvallen werd alom geprezen en als het op schieten aankwam, schoot ze als de beste. Ze zat al vrij snel diep in de Friese organisatie, omdat ze de naaste medewerkster en minnares werd van Krijn van der Helm, de leider van de Friese Knokploeg. Door haar grote betrokkenheid binnen de groep verschaft Meyers tegelijk enig inzicht in de werkzaamheden en de verhoudingen binnen deze verzetsgroep. Daarmee is “Esmée. Een vrouw in oorlogstijd” meteen ook het verhaal over trouw, achterdocht en verraad geworden.

Immers, Esmée zou Esmée niet zijn als er geen problemen om haar persoon ontstonden. Meyers beschrijft hoe persoonlijke motieven een grote rol speelden binnen de groep naast hun verzetsactiviteiten door de invloed die Esmée op de mannen had. De spanningen liepen daardoor hoog op en fouten konden dan ook niet uitblijven met diverse arrestaties tot gevolg. Die arrestaties zouden leiden tot de beschuldiging aan het adres van Esmée dat zij de verraadster was. Maar Esmée ontkwam ook niet aan haar arrestatie. Interessant is het spoor dat de auteur volgt van de SD-er Fransoos Lammers, de meest gevreesde SD-er van Friesland. De angst die deze man koesterde voor een aanslag maakte hem tot één van de meest gevreesde SD-ers van Friesland. Hij wilde wat graag Esmée achter de tralies hebben. Meyers laat in dit boek zien hoe het Lammers door intriges uiteindelijk lukte om Esmée te arresteren.

Na de oorlog schreef Pieter Wijbenga, die zelf lid geweest van de Friese knokploeg, het boek “Bezettingstijd in Friesland”. Daarin stelde hij onder meer dat door Esmée de SD op het spoor van gekomen van Krijn en dat zij een verraadster was. Een oordeel dat versterkt werd door uitspraken van Lammers, die Esmée zo negatief mogelijk probeerde af te schilderen. Meyers betwist verschillende uitspraken van Wijbenga, onder meer door enkele brieven van Esmée. Maar hij blijft ook eerlijk. De auteur probeert te reconstrueren wat er precies gebeurde tijdens haar gevangenschap en in haar laatste uren vóór haar executie in september 1944. Esmée heeft haar bekoorlijkheid nog altijd niet verloren. Tussen de woorden door voelt de lezer de sympathie van de auteur voor deze indrukwekkende vrouw en ergens de opluchting dat ook Wijbenga na nauwkeuriger onderzoek eveneens tot de conclusie kwam dat Esmée feitelijk eerherstel verdiende. Hetgeen ook gebeurd is. “Esmée. Een vrouw in oorlogstijd” geeft een menselijk beeld van Esmée van Eeghen, die graag een vredig leven had willen leiden met een man en een kind, maar in plaats daarvan zich gestort had ineen onstuimig en avontuurlijk leven. Een vrouw, die zeker niet in alles perfect was en die ook behoorlijke risico’s genomen heeft. Wellicht teveel, wat niet altijd door haar omgeving begrepen is.

Beoordeling: X X X X Zeer goed