-Albert Konrad Gemmeker -Lotte Bergen

GemmekerAlbert Konrad Gemmeker
Commandant van Westerbork

Auteur: Lotte Bergen
Boekvorm: paperback met zwart-wit afbeeldingen
Pagina’s: 134
Uitgever: Aspekt
Uitgebracht: april 2013
ISBN: 978.94.6153.265.7

 

 

Bespreking:We hadden eens een commandant, die schopte Joden naar Polen, deze lacht ze naar Polen,” hoorde Etty Hillesum een stem achter haar zeggen. Deze uitspraak had betrekking op de amicale, “gentleman”-achtige houding van SS-Obersturmführer Gemmeker. Van oktober 9142 tot april 1945 was hij commandant van Polizeiliches Judendurchgangslager Westerbork. Ondanks dat hij verantwoordelijk was voor het transport van duizenden Joden naar de vernietigingskampen, kwam hij er na de oorlog vanaf met een veroordeling van slechts 10 jaar. Er kon voor de rechtbank niet worden bewezen dat hij op de hoogte was van het dramatische lot dat de Joden te wachten stond aan het einde van de transporten. Deze vraag heeft vele onderzoekers na de oorlog bezig gehouden: wat wist Gemmeker werkelijk af van het lot van de Joden? Ook Lotte Bergen probeerde een antwoord te vinden en haar bevindingen schreef ze neer in het onlangs verschenen boek “Albert Konrad Gemmeker. Commandant van Westerbork”. Een uitgave van Aspekt.

Toen in februari 1939 kamp Westerbork opgericht als interneringskamp voor gevluchte Duitse Joden, kon niemand bevroeden welk gruwelijk noodlot de Joden boven het hoofd zou hangen. In juli 1942 werd het kamp in gebruik genomen als doorgangskamp voor alle Joden, die zich in Nederland bevonden en die op transport gesteld zouden worden naar de concentratiekampen Auschwitz, Bergen-Belsen, Sobibor en Treblinka. Maar ook zigeuners, homoseksuelen en verzetsmensen werden hier ondergebracht in afwachting van hun transporten. In oktober 1942 arriveerde Albert Gemmeker in Westerbork. Tot april 1945 zou hij de nieuwe commandant zijn en al snel bleek dat hij een heel andere aanpak had dan zijn twee voorgangers. Dat begon al toen hij de Joden voortaan “kampingezetenen” noemde. Ook keurde hij het geweld door de kampbewaarders af en hoewel het leven in Westerbork zeker niet ideaal was, probeerde Gemmeker het nog zo aangenaam mogelijk te maken. Er kwam gelegenheid tot recreatie, er werd gesport, gemusiceerd en toneelvoorstellingen gegeven. Daarbij was hij vriendelijk tegen de kampbewoners en was erg gesteld op de kinderen. In het kamp werd voortaan ook onderwijs gegeven en er was ook een ziekenhuis aanwezig. Westerbork moest een “modelkamp”worden, zo vond hij. Niettemin gingen de transporten door. Stipt iedere dinsdag conform de orders uit Berlijn. Na de oorlog hield Gemmeker vol dat hij niet geweten had wat er in de vernietigingskampen plaats vond en zijn straf viel daardoor lager uit. Lotte Bergen heeft haar twijfels over deze verklaring van de kampcommandant.

In dit zeer overzichtelijk boek beschrijft ze allereerst de geschiedenis van het kamp en vervolgens belicht ze in grote lijnen de levensloop van Albert Gemmeker. Tot zo ver komen er geen opzienbarende feiten aan de orde. Ze vormen slechts een inleiding tot het slotdeel. Daarin geeft Bergen haar visie op het gedrag van Gemmeker als commandant en tevens voert zij redenen aan, waaruit moet blijken dat hij wel degelijk wist wat de gedeporteerde Joden te wachten stond. Gemmeker dineerde vaak met hoge Duitse functionarissen en die wisten wel wat er met de Joden gebeurde. Verder stonden de kampen in het oosten officieel te boek als “Arbeitslager”, desondanks werden er ook mensen op transport gesteld door Gemmeker, die niet konden werken, zoals zieken en kleine kinderen. Zijn opmerking tegen een moeder van een ziek kind, die om uitstel van transport vroeg, antwoordde hij: “Das Kind muss doch sterben” is een indicatie dat hij wel degelijk wist wat de gedeporteerden na aankomst te wachten stond. In zijn proces gaf Gemmeker toe dat hij persoonlijk niets tegen de Joden had, maar dat het wel nodig was dat ze gedeporteerd moesten worden. “Kriegsnotwendig”noemde hij dat en orders waren er nu eenmaal om opgevolgd te worden. Geheel in stijl dus met het nationaalsocialistische gedachtegoed, waarmee hij sympathiseerde. Bergen stelt in haar boek dat als de meest plausibele reden voor Gemmekers gedrag wordt aangedragen dat hij zijn geweten zou willen sussen door goed te handelen, maar zelf denkt de auteur dat de kampcommandant handelde met voorbedachten rade. Overeenkomstig creëerde hij een façade, die de Joden moest laten geloven dat hen juist een goede toekomst stond te wachten en niet de dood. Op die manier verliepen de transporten rustig. Onderdeel van die façade hoorde het correcte gedrag dat Gemmeker ten toon spreidde, concludeert de auteur.

Of de conclusie van Lotte Bergen nu als sluitende conclusie aanvaard zal worden, is de vraag. Al jaren lang worden er pogingen ondernomen om het gedrag van verschillende personen, die de wrede nazi-ideologie dienden, te verklaren, maar een echte goede afdoende verklaring is tot op heden niet gevonden. Ook bij Bergen kunnen nog vraagtekens gezet worden, want voor de houding van Gemmeker kunnen nog andere mogelijkheden aangedragen worden, die zijn gedrag zouden kunnen verklaren. Eén van die aanleidingen, die rol gespeeld kon hebben, was wellicht het vooruitzicht om naar het Oostfront gestuurd te worden, indien de bevelen uit Berlijn niet opgevolgd werden. Diverse SS-functionarissen zijn hem daarin voor gegaan, dus deze maatregel was algemeen bekend en zeker geen prettig vooruitzicht. Daarnaast kan het ook mogelijk zijn geweest dat Gemmeker bepaalde afweermechanismen opgebouwd had om zich staande te kunnen houden. Friedrich Nietzsche schreef eens: “Hij die met monsters vecht, moet er op toezien dat hijzelf geen monster zal worden. En als je maar te lang in de duisternis staart zal de duisternis ook in jou staren.” Afweermechanismen zijn dan een middel, ook voor Gemmeker, om menselijk te blijven, terwijl orders ogenschijnlijk stoïcijns uitgevoerd worden. Verdringing van negatieve realiteit is daar één van. Op dezelfde avond van het transport liet Gemmeker cabaret opvoeren als afleidingsmanoeuvre voor de deportaties. Opnieuw is hier sprake van verdringing. De ontkenning van Gemmeker tijdens zijn proces zou eveneens in die richting kunnen wijzen. Uit de kampverhalen bleek dat Albert Gemmeker een keerzijde had, al toonde hij die niet met regelmaat, maar het lukte hem niet altijd om vriendelijk te zijn. Ooggetuigen omschreven de commandant daarom als onberekenbaar, grillig en humeurig, maar wel met een uitstekend geheugen, anders gezegd: Gemmekers karakter was moeilijk te ontraadselen en dat zal wel zo blijven.

Beoordeling: X X X Goed

Advertenties